| Positie in classificatie | Voorbeeld 1 | Voorbeeld 2 |
|---|---|---|
| Bij beide essentieel | deeg in vormen gieten | losapparatuur voor bloem controleren |
| Alleen essentieel bij gebakmaker | creatief voedsel maken | gebak maken |
| Alleen essentieel bij bakker | melkzuurbacteriën aan voedselproducten toevoegen | bakkerij-ovens bedienen |
This publication uses the ESCO classification of the European Commission. Eigen selectie op identieke concept-URI’s in ESCO v1.2.0. Optionele koppelingen zijn buiten de telling gehouden. Beroepscodes 7512.5 en 7512.1.
Twee profielen naast elkaar
Het bronprofiel voor gebakmaker heeft 27 essentiële vaardigheden en 2 essentiële kennisbegrippen. Voor bakker luidt de verdeling 29 vaardigheden en 6 kennisbegrippen. Van de 24 gemeenschappelijke essentiële begrippen vallen er 1 in de categorie kennis. Een voorbeeld van de gedeelde kennis is ‘handvaardigheid’. Aan de kant van gebakmaker zijn 4 essentiële vaardigheden zonder dezelfde essentiële koppeling bij bakker. Andersom komen 6 essentiële vaardigheden van bakker niet in de essentiële lijst van gebakmaker voor.
Welke handelingen komen samen voor?
Voor ‘deeg in vormen gieten’ vinden we in de volledige classificatie 2 essentieel gekoppelde beroepsprofielen. Bij ‘losapparatuur voor bloem controleren’ zijn het er 4. De combinatie komt in 2 profielen terug, waaronder gebakmaker en bakker. Binnen deze bronselectie vormen gebakmaker en bakker de voorbeelden met precies deze twee koppelingen. Vraag bij ‘deeg in vormen gieten’ naar het resultaat dat de persoon opleverde. Laat bij ‘losapparatuur voor bloem controleren’ benoemen wie dat resultaat vervolgens gebruikte. Zo zijn de twee termen terug te voeren op een zichtbaar werkmoment van gebakmaker.
De onderscheidende taken van een bakker
Voor bakker zijn ‘melkzuurbacteriën aan voedselproducten toevoegen’, ‘bakkerij-ovens bedienen’, ‘bakkerijproducten bereiden’ bruikbare onderwerpen voor een meeloopdag. Het eerste label, ‘melkzuurbacteriën aan voedselproducten toevoegen’, staat als essentieel bij 1 profielen; voor ‘bakkerij-ovens bedienen’ zijn dat 2 profielen. Een kandidaat uit gebakmaker kan over ‘bakkerij-ovens bedienen’ beschikken zonder dat dit op de essentiële lijst van het huidige beroep staat. Een concreet tussenstation is ‘melkzuurbacteriën aan voedselproducten toevoegen’. Bij gebakmaker is dat optioneel gekoppeld en bij bakker essentieel. Vraag de kandidaat voor ‘bakkerijproducten bereiden’ welke begeleiding op een eerste dag nodig zou zijn.
Voorbereiding met eigen werkervaring
Een eigen voorbeeld uit gebakmaker kan beginnen bij ‘creatief voedsel maken’ of ‘gebak maken’. ‘creatief voedsel maken’ staat bij 2 bronprofielen als essentieel, ‘gebak maken’ bij 2. Wat zou een collega van gebakmaker kunnen laten zien als bewijs van ‘gebak maken’? Vergelijk dat met wat nodig is om ‘melkzuurbacteriën aan voedselproducten toevoegen’ bij bakker geloofwaardig toe te lichten. Als derde overeenkomst kan ‘bakkerswaren bakken’ helpen om een overdraagbare handeling los te trekken van de oude functietitel. Bespreek pas daarna welke taken de kandidaat als zelfstandig ondernemer zou willen dragen.
In een gesprek over bakker kun je ‘bakkerij-ovens bedienen’ als eerste oefenpunt kiezen en ‘deeg in vormen gieten’ laten toelichten door de persoon die het werk als gebakmaker heeft gezien.
Vragen voor het vervolg
- Hoe maakte je als gebakmaker een keuze bij ‘deeg in vormen gieten’?
- Wie kan laten zien hoe ‘melkzuurbacteriën aan voedselproducten toevoegen’ in de nieuwe rol wordt uitgevoerd?
- Wat wil je eerst oefenen rond ‘bakkerij-ovens bedienen’?
Bronnen
Wat herken je in jouw werkprofiel?
Welk voorbeeld uit je werk als gebakmaker zou je willen vergelijken met het werk van een bakker?
